Leernetwerk Overgewicht Volwassenen: samen zoeken naar wat werkt

Leernetwerk Overgewicht Volwassenen: samen zoeken naar wat werkt

Daarom GGDPreventie

In het Landelijk Leernetwerk Preventie en Gezondheidsbevordering komen professionals samen om kennis en ervaringen te delen en uit te wisselen. Zo werken zij samen aan oplossingen voor vraagstukken met betrekking tot de thema’s van de leernetwerken, gebaseerd op de ketenaanpakken zoals beschreven in het Gezond en Actief leven Akkoord (GALA). In een zevenluik komt elk leernetwerk terug met zijn eigen uitdagingen en doorbraken.

‘Door regionale verschillen in de implementatie van de ketenaanpak leer je wat mogelijk is’

Per regio verschilt de ketenaanpak overgewicht bij volwassenen. En wat zijn de landelijke kaders? In het Leernetwerk Overgewicht Volwassenen zoeken ze samen naar wat werkt. Trekker Ellen van Dongen: ‘Samen proberen we inspiratie om te zetten in concrete stappen.’

Hoe zag het leernetwerk eruit tijdens de opstartfase?

‘In juni 2025 zijn we gestart als leernetwerk met voornamelijk GGD’en, waarin we samenwerken met de Academische Werkplaats AGORA van de Wageningen Universiteit en de koepelorganisatie Partnerschap Overgewicht Nederland (PON). De deelnemers zijn regionale coördinatoren van de ketenaanpak.’

Wat doet het leernetwerk?

‘We bespreken met elkaar hoe je als regiocoördinator kan zorgen dat de ketenaanpak in gemeenten succesvol verloopt en een duurzame structuur krijgt. Momenteel zijn we bezig met het netwerk versterken – mensen vinden elkaar al buiten het leernetwerk om –, kennis en best practices delen en uitvinden waar we mee stoeien. We willen uitkristalliseren wat er vanuit regionaal perspectief nodig is om de ketenaanpak in te richten.

Tijdens de fysieke bijeenkomsten inventariseren we aan het eind telkens wat leeft en waar behoefte aan is voor de volgende keer. Zo kunnen we aansluiten bij actuele vragen. We hebben bijvoorbeeld met elkaar besproken wat je het beste op regionaal en wat op lokaal niveau kunt regelen. Maar ook hebben we het over hoe je beter aansluit bij het gemeentelijke aanbod, bijvoorbeeld in het sociaal domein. Ook kijken we hoe we goed aansluiten op andere GALA-ketenaanpakken, zoals Sociaal Verwijzen (voorheen Welzijn op Recept), zodat je verkokering voorkomt.

Daarnaast gaan alle gemeenten aan de slag met de Ketenaanpak Overgewicht bij Volwassenen vanuit het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Met elkaar namen we de conceptversie van de landelijke handreiking onder de loep van Zorgverzekeraars Nederland (ZN), PON, het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG). Wat ons betreft mag die minder vrijblijvend. Het zou helpend zijn om te weten wat het minimale aanbod van het sociale domein moet zijn, welke rollen je inneemt bij de samenwerking, of preventie erbij hoort, in hoeverre het moet lijken op de netwerkaanpak van PON.’

Wat is de grootste uitdaging van het leernetwerk?

‘We proberen de vertaalslag te maken van de ervaringen en kennis uit het leernetwerk naar wat we daar overkoepelend mee kunnen voor de ketenaanpak. Het is best lastig om handen en voeten te geven aan de inspiratie die je opdoet, want niet alle regio’s werken op dezelfde manier.’

Afbeelding gerelateerd aan

Ellen van Dongen, trekker van het Leernetwerk Overgewicht bij Volwassenen. Ze is adviseur gezondheidsbevordering bij GGD Noord- en Oost-Gelderland en projectleider van de interventie GLI SLIMMER. Ze is gepromoveerd op de implementatie en het effect van een voedings- met bewegingsinterventie voor ouderen in 2019 en is voedingswetenschapper.

Tot welke ontdekkingen zijn jullie gekomen?

‘In een van de bijeenkomsten bespraken we hoe in elke regio de implementatie van de ketenaanpak wordt georganiseerd. We gingen in op wat goed gaat bij de ketenaanpak en welke knelpunten er nog zijn. We hoorden dat lokale coördinatoren van meerwaarde kunnen zijn voor de implementatie van de ketenaanpak. Een aantal gemeenten werkt al met de Centrale Zorgcoördinator (CZC), die lokaal inwoners bijstaat en zorgt dat ze bij de juiste zorg en begeleiding terechtkomen.

We merken dat er al zoveel kennis is en goede voorbeelden zijn over de implementatie van deze ketenaanpak. Want de ketenaanpak is veel meer dan de Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) als aanbod in een gemeente. De GLI is een programma waarmee een volwassene met overgewicht of obesitas met behulp van professionals aan de slag gaat met voeding, bewegen, slaap en stress; de ketenaanpak gaat over hoe professionals en organisaties van het sociaal en zorgdomein samenwerken. Dat omvat dus veel meer en richt zich ook op de verbinding met en ondersteuning vanuit het sociaal domein en het beweegaanbod.’

Hoe is de samenwerking in het leernetwerk?

‘Het is zo leuk hoe enthousiast iedereen is en gretig meedenkt met elkaars dilemma’s. Ik vroeg me af of programma’s tijdens de bijeenkomsten te vol waren, maar deelnemers blijken het juist fijn te vinden dat we zoveel doen en bespreken. Ik ben blij te horen dat ze er veel aan hebben. De energie zit er echt in tijdens de bijeenkomsten. Al zakt dat tussendoor soms een beetje weg en is iedereen druk met z’n eigen werk. Deelnemers weten elkaar wel steeds beter te vinden bij tussentijdse vragen. Daarnaast is het prettig om samen met PON als kennispartner op te trekken, vanwege hun expertise en adviesfunctie.’

Wat maakt dit leernetwerk zo waardevol?

‘Ik ben er trots op dat de verbinding en inspiratie die deelnemers opdoen, wordt gewaardeerd. Daarnaast zijn de ontdekkingen zo waardevol dat we deze gaan bundelen in een kennisartikel in samenwerking met onze wetenschappelijke partner, de Academische Werkplaats Publieke Gezondheid AGORA.

Het kennisartikel laat zien hoe de regio’s in het leernetwerk de ketenaanpak organiseren en regionaal implementeren. We beschrijven wat goed gaat en beter kan op het vlak van organisatie en capaciteit, de aansluiting met lokale en regionale organisaties, de rol van de CZC en de verbinding met andere ketenaanpakken en biedt ook oplossingsrichtingen.’

Wat brengt de toekomst?

‘Het idee was zes bijeenkomsten en daar zitten we aan in november 2026. Duidelijk is dat we door willen als leernetwerk. De ontwikkelingen rondom de ketenaanpak als AZWA-basisfunctionaliteit zijn volop gaande, en zodoende zijn er nog genoeg vraagstukken om met elkaar op te pakken. Op termijn kan ik me voorstellen dat we oplossingen voor knelpunten vinden en/of de knelpunten terugbrengen naar landelijke overleggen. Onze wens is ook om een sterkere verbinding te realiseren met de leernetwerken van de andere ketenaanpakken, om te onderzoeken hoe de basisfunctionaliteiten uit het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord meer in samenhang kunnen worden opgepakt.’