Ben ik besmet met de omikronvariant?

20 december 2021Coronavirus

De omikronvariant heeft in korte tijd ook in Nederland vaste voet aan de grond gekregen. Door de snelle verspreiding van deze coronavariant zijn er strenge maatregelen afgekondigd en bevinden we ons in een lockdown. Veel mensen maken zich zorgen over deze omikronvariant. Als iemand positief getest is op het coronavirus, krijgen we vaak de vraag: ‘Ben ik besmet met de omikronvariant?’ We leggen hieronder uit waarom die vraag meestal niet te beantwoorden is.

Van wattenstaafje naar testuitslag
De GGD’en testen mensen op het coronavirus. Na de testafname krijgen zij binnen 48 uur de testuitslag. Deze uitslag kan positief of negatief zijn. Het testmonster dat is afgenomen met een wattenstaafje in neus en keel wordt, na testafname, naar een laboratorium gestuurd voor analyse. Een laborant analyseert het testmonster en kan niet zien met welke variant iemand besmet is. Alleen of iemand positief of negatief is. Als mensen de uitslag krijgen, is dus nog helemaal niet bekend met welke variant van het coronavirus zij besmet zijn.

Nader onderzoek nodig om variant te weten
Om bij een positieve test te kunnen zien om welke variant het gaat, is verder onderzoek nodig. Dit noemen we sequentieanalyse of sequencing. Dit type onderzoek kan alleen worden gedaan als een PCR-test is afgenomen en gebeurt niet in de laboratoria waar de testmonsters van de GGD’en worden geanalyseerd. Er zijn drie laboratoria waar sequencing wordt gedaan onder coördinatie van het RIVM. Met sequencing wordt gekeken hoe het virus is opgebouwd. Zo kunnen de kenmerkende ‘bouwsteentjes’ van een bepaalde variant in kaart worden gebracht. Het is een beetje te vergelijken met DNA-onderzoek. Sequentieanalyse wordt om twee redenen uitgevoerd.

Standaard sequencing voor zicht en inzicht virus
Allereerst om zicht op, en inzicht in, het virus te krijgen. Er worden per week steekproefsgewijs 1500 monsters onderzocht door middel van sequencing. Dit levert waardevolle informatie op over de verschillende varianten, eigenschappen en verspreiding van het virus. Deze informatie wordt gebruikt in rekenmodellen van het RIVM om het verloop van de pandemie en de effecten van maatregelen te voorspellen. De onderzoeksresultaten kunnen niet met de geteste personen worden gedeeld omdat deze testmonsters uit de steekproef niet meer gekoppeld zijn aan gegevens van een positief geteste persoon. Bovendien duurt het 14 dagen voordat de uitslag bekend is.

Extra sequencing bij risico volksgezondheid
Sequentieanalyse wordt ook gedaan als er een extra risico is voor de volksgezondheid. Concreet voorbeeld hiervan is de intrede van omikron in ons land. Sequencing vond toen direct plaats bij de testmonsters van mensen van wie werd vermoed dat ze besmet konden zijn met de omikronvariant. Bijvoorbeeld bij mensen die ons land binnenkwamen vanuit Zuidelijk Afrika. De GGD’en vragen dan aan het laboratorium om het monster in te sturen voor sequencing. Voor het RIVM blijven deze uitslagen anoniem.

GGD’en kunnen de uitslagen uit deze specifieke sequentieanalyses wel terugkoppelen aan personen. Een GGD kan iemand zo gericht aanvullende leefadviezen meegeven om verspreiding van deze risicovolle variant te voorkomen. Let wel: het is niet zo dat je jouw GGD kunt vragen welke variant jij hebt. Als er een risico voor de volksgezondheid is, dan informeert de betreffende GGD jou. Heb je niets gehoord, dan kan en zal jouw GGD de vraag ‘Ben ik besmet met de omikronvariant?’ niet beantwoorden.