Een leerzaam virus: column van Hugo Backx

26 mei 2020

Ik weet dat elke vergelijking met de huidige corona-crisis mank gaat en welhaast ongepast, maar het coronavirus leert ons veel en de maatregelen die we nu met elkaar nemen kunnen als een serieuze opmaat worden beschouwd voor het beleid dat wordt bepleit in de nota ‘Gezondheid breed op de agenda’. Deze nota is deze week door staatssecretaris Paul Blokhuis aan de Tweede Kamer aangeboden.

Drie-eenheid

Maar: wat leert corona ons dan? Om samen gezond te blijven, zijn we al maanden bezig met handen wassen, anderhalve meter afstand houden en zoveel mogelijk thuis blijven. Dat gezonde gedrag kan alleen zo goed gaan omdat de omgeving ook wordt aangepast: geen evenementen, thuiswerken waar dat kan, looprichtingen in winkels, inkomensaanvullingen, extra burenhulp – van grote tot kleine maatregelen die ons helpen. Uiteindelijk zien we de effecten van het gezond gedrag en gezonde omgeving terug in minder overlijdens met name bij de kwetsbare mensen, minder patiënten op de IC en meer ruimte in de zorg om adem te halen en de ‘gewone’ zorg op te pakken. Die drie-eenheid van ‘omgeving’, ‘gedrag’ en ‘zorg’ is nodig om corona er samen onder te krijgen. Ook als dat solidariteit vraagt van mensen die misschien minder te vrezen hebben van de ziekte.

Deze drie-eenheid zie je ook terug in de nota. Het gaat om een combinatie van gedrag en omgeving, van aandacht voor kwetsbare mensen en benutten van de kracht van anderen, van inzet van de zorg en beleid in andere sectoren: inkomen, sport, werk, huisvesting, sociaal beleid – het hangt allemaal samen.

Regionale samenwerkingen cruciaal

Terecht dus dat de nota ‘Gezondheid breed op de agenda’ heet. De nota is door rijk en gemeenten, kennisinstituten en GGD’en samen tot stand gebracht en geeft een goed kader om health in all policies daadkrachtig vorm te geven. Dat vereist een goede samenwerking tussen bijvoorbeeld huisartsen, ziekenhuizen, arbeidsbureau’s en de GGD’en. Ook hier wijst corona ons de weg. Want die samenwerking is in deze crisistijd hard nodig en werkt ook goed. Laten we dat vasthouden.

In het ‘oude normaal’ was het Nationaal Preventieakkoord van anderhalf jaar geleden al een goede aanzet en vindt al veel navolging in gemeentelijke en regionale afspraken. Het is een mooi resultaat dat rijk en gemeenten samen steeds meer beleidsprioriteiten stellen, gezondheidsverschillen willen verkleinen en de omgeving gezonder te maken, zowel fysiek als sociaal en aandacht voor mensen die kwetsbaarder zijn zoals jeugd en ouderen. Deze prioriteiten kunnen leiden tot veel gezondheidswinst, zoals ook de WRR in 2018 aangaf. Die winst is ook te vertalen in minder zorglasten: het CBP gaf eerder al berekeningen dat de economische groei geremd zal worden doordat de zorg veel menskracht en investeringen opeist.

Breed mobiliseren

We ervaren nu al ruim twee maanden hoe belangrijk het is dat de zorg niet overbelast raakt. Dat geldt niet alleen voor de acute crisis van nu, maar ook voor de geleidelijke maar grote toename aan ziektes als gevolg van roken, alcohol en overgewicht. Het is nodig om maatregelen te nemen en ervoor te zorgen dat we daar brede groepen in de samenleving mee bereiken.

Onlangs stond in de brede heroverwegingen een lijst van zeer effectieve maatregelen zoals hoge alcoholaccijns, beperken verkooppunten tabak en subsidie op groente en fruit. Ook is in de zorg een kanteling nodig naar voorkomen van zorg zoals stoppen met roken-ondersteuning en valpreventie. De GGD’en zijn al veel betrokken bij lokale en regionale gezondheidsbevordering, maar dat kan nog veel meer.

We weten dat we het kunnen, samen gezond blijven, en het beleidskader is er. Nu nog volle kracht vooruit.

 

Hugo Backx,

Directeur GGD GHOR Nederland